2e Jaargang, zaterdag 19 mei 2012
Dat ben ik. En jij. Feijenoorders, dat zijn wij.

Coen, jij blijft de grootste!

Rotterdam, 4 januari 2012

Vandaag, woensdag 4 januari 2012, gaan de gedachten van elke Feijenoorder terug naar Coen. Coen Moulijn. De Grootste Feijenoorder Aller Tijden. Vandaag is het namelijk precies één jaar geleden dat de legendarische linksbuiten na een kort ziekbed op de leeftijd van 73 jaar overleed.

In gedachte weer die beelden van Coen als een hinde langs de lijn. Die woorden die de grootsheid van Coen zo treffend weergeven: ‘Als Coentje en Kieboom op de middenstip gaan klaverjassen, zit De Kuip al halfvol’. Maar ook de woorden van Bob Spaak: ‘Coen, Coen, beheers je, asjeblieft’. De Europa Cup I. Wereldbeker. Zijn standbeeld.

Maar ook die eerste week van 2011. Die week die zo dramatisch begon, op dinsdag inktzwart kleurde, maar op meer dan indrukwekkende wijze werd afgesloten. Onderstaand de herinneringen aan die eerste dagen van 2011:

Zondag 2 januari 2011

Dat sms’je. De letterlijke woorden zijn me ontschoten, de boodschap niet: ‘Coen Moulijn getroffen door herseninfarct, opgenomen in ziekenhuis, ernst nog niet duidelijk’.

Maandag 3 januari 2011

Beste Coen,

Voor ons ben je Mister Feyenoord. Bij leven al een legende. Een Held. Op het veld, maar zeker ook daar buiten. Iemand om trots op te zijn. Voor altijd een van ons.

We zijn ons dan ook kapot geschrokken, toen we vernamen dat je rondom de jaarwisseling door een herseninfarct bent getroffen. RTV Rijnmond meldde, dat je inmiddels goed aanspreekbaar moet zijn, maar wel kampt met verlamming en uitvalverschijnselen. Vreselijk. Weet dat we met je meeleven, Coen. Dat je er niet alleen voor staat. Sterker nog, dui-zen-den maken zich ernstig zorgen, leven met je mee en wensen je een spoedig herstel toe.

Hou vol, Coen. Hou vol. De mensen houden van je.

Dinsdag 4 januari 2011

‘s Ochtends al vroeg dan toch dat verschrikkelijke nieuws: Coen Moulijn overleden. Bij elke Feijenoorder komt de klap hard aan. Of je hem nu hebt zien spelen, of niet. Of je hem wel eens hebt mogen ontmoeten, of niet. Coen was één van ons, juist omdat hij altijd zo bescheiden is gebleven. Zo sympathiek. Loyaal. Een gentleman onder de voetballers.

En nog altijd gewoon die kledingzaak aan de Langenhorst. Op Zuid. Nota bene een kledingzaak die Coen en zijn vrouw Adrie in mei wilden verkopen om eindelijk te gaan genieten van een welverdiend pensioen. In de loop van de ochtend leggen de eerste mensen al bloemen neer voor de winkel. Ze steken kaarsjes aan. Zo ook op het voorplein, bij het standbeeld van Coen. Een Feyenoord-sjaal om zijn nek, bloemen onder zijn arm.

De bloemenzee groeit in de loop van de dag met het uur. Vlaggen worden achtergelaten. Sjaals. Briefjes. Feijenoorders komen samen. Verdriet wordt gedeeld, herinneringen worden opgehaald. De vlaggen halfstok. En aan het Maasgebouw een groot portret van Moulijn in zijn gloriedagen bij Feyenoord. ‘Onze Trots’, luidt de begeleidende tekst. Meer woorden zijn overbodig.

‘s Avonds komen ruim duizend Feijenoorders bijeen op het voorplein, rond zíjn standbeeld. Clubliederen, fakkels, applaus, een minuut stilte, maar ook meermaals een oprecht ‘Coentje bedankt’ uit ruim duizend kelen. Bedankt voor alles wat je onze club hebt geschonken…

Woensdag 5 januari 2011

In de loop van woensdag wordt duidelijk dat de uitvaart die zaterdag zal plaatsvinden. Een dienst in zijn stadion, een laatste rit door zijn stad, de crematie op crematorium Hofwijk. Het moet en zal een onvergetelijk afscheid worden. De plannen krijgen die avond op Spangen langzaam vorm.

Al vroeg in de avond verzamelen honderden Feijenoorders zich daar bij Café ‘t Brouwershuys. Even verderop wordt die avond namelijk ‘gewoon’ de wedstrijd om de Zilveren Bal tussen Feyenoord en Sparta gespeeld. Een gelegenheid waarbij nota bene Coen Moulijn – samen met Tinus Bosselaar – de prijs zou uitreiken. Zou uitreiken.

Bij de officieuze nieuwjaarsborrel voor Feijenoorders in ‘t Brouwershuys worden de glazen geheven op het nieuwe jaar, worden de beste wensen uitgewisseld en de goede voornemens doorgenomen, maar uiteraard wordt er ook uitgebreid stilgestaan bij het wegvallen van de Grootste Feijenoorder Aller Tijden.

In tegenstelling tot gebruikelijk bij een dergelijke oefenwedstrijd wordt door eenieder tijdig koers gezet richting Het Kasteel om de minuut stilte voorafgaand aan de wedstrijd bij te wonen. Ondertussen hebben enkele supporters al vele doeken -waaronder het eerder die dag geschilderde doek van twintig meter met de tekst COEN, JIJ BLIJFT DE GROOTSTE- ter nagedachtenis aan Coen opgehangen. Tezamen met de indrukwekkende minuut stilte en de vele fakkels wederom een waardig eerbetoon aan Coen.

Terwijl de wedstrijd in volle gang is, nemen een aantal Feijenoorders contact op met het oosten des lands. Een grote partij fakkels is nodig. En wel binnen drie dagen.

Donderdag 6 januari 2011

Donderdag. Aan het begin van de avond, er moet die dagen ook nog gewoon gewerkt worden, zetten twee Feijenoorders koers richting het oosten. Markelo is de eerste bestemming, Enschede de tweede. ‘s Avonds laten keren de mannen weer terug in Rotterdam, maar wel met 330 fakkels in de achterbak.

Vrijdag 7 januari 2011

Via allerlei kanalen worden nog vele fakkels geregeld. Nu nog het definitieve plan. Een erehaag op het voorplein? Op de Erasmusbrug? De Coolsingel? De boodschap wordt verspreid: de volgende dag uiterlijk om half één verzamelen bij de Klantenservice, mobiel zijn, geen knalvuurwerk en niet met de stoet meerijden of achter de stoet aan rijden.

Zaterdag 8 januari 2011

Al ruim voor half één verzamelen zich vele Feijenoorders bij en in het stadion. Op verschillende schermen wordt de dienst gevolgd, waarna koers wordt gezet naar de Klantenservice. Een Feijenoorder neemt het woord: we gaan naar de Erasmusbrug. De politie werkt mee en zorgt ervoor dat we allemaal aan de voet van de brug kunnen parkeren. Auto’s vullen zich snel, Feijenoorders springen op de brommer of de fiets en ook de tram is afgeladen met Feijenoorders.

Terwijl een deel van de groep is achtergebleven op het voorplein om ook daar een erehaag te vormen op het moment dat de stoet het stadionterrein verlaat, stellen honderden Feijenoorders zich op de Erasmusbrug aan weerszijden van de rijbaan op. Fakkels worden uitgedeeld. Verbaasde blikken van voorbijgangers. Geroezemoes. Tot de stoer vanaf de Laan op Zuid het Wilhelminaplein opdraait. Stilte. Aan de voet van de brug wordt de stoet ontvangen met een grote rood-wit-blauwe vlag met daarop in blokletters de letters die samen het woord FEYENOORD vormen.

De stoet rijdt nu de brug op. Geplop van fakkels. Een rode gloed. De voor Rotterdam zo kenmerkende verbinding tussen Linker- en Rechter Maasoever staat in vuur en vlam. Voor Coen. Applaus. Een saluut van de Voetbaleenheid van de Rotterdamse politie. Kippenvel.

De stoet rijdt de Schiedamsedijk op, richting Coolsingel. De honderden Feijenoorders van de Erasmusbrug volgen te voet. Onderweg naar het Stadhuis wordt pas duidelijk hoe groots dit afscheid is. Duizenden mensen langs weerszijden van de weg. Overal fakkels, bloemen, mensen, spandoeken, sjaals. Aan het Stadhuis het doek dat eerder die week aan het Maasgebouw hing. Daaronder het doek met de tekst ‘COEN, JIJ BLIJFT DE GROOTSTE’.

De grootste. En dat blijf je. Coen, rust zacht…