De paardenstaart van John de Wolf

0
843
Europacup I

Tekst: Pieter | Foto’s: Pieter

Nieuwsgierig stap ik onder de iconische letters stadion feyenoord door. Vandaag gaat het dan eindelijk gebeuren: ik ga het Feyenoord Museum bezoeken. Heel hartelijk word ik ontvangen door een gastheer van het museum, die mij een boekje meegeeft en mij veel plezier wenst. Als een kind in de ballenbak bij McDonald’s voel ik me, tussen al die gewonnen prijzen, bijzondere voorwerpen en een muur met daarop de tijdlijn met belangrijke feiten uit de clubgeschiedenis.

Feyenoord Museum

Het shirt van Celtic, in mei 1970 gedragen tijdens de Europacup 1 finale en na afloop in handen gekomen van Wim Jansen. De schoenen van Ernst Happel, het kostenoverzicht van Richard Dombi en het jeugdshirt van Giovanni van Bronckhorst. Dit en nog veel meer is er te zien in het Feyenoord Museum, dat sinds januari 2017 aan de Olympiazijde van het stadion is gevestigd. Dit zijn de vijf voorwerpen die op mij de meeste indruk hebben gemaakt.

1. De shirts van Wilhelmina en Celeritas zijn niet origineel, maar laten treffend zien dat de club in de eerste jaren kon groeien doordat er werd gefuseerd met andere voetbalclubs. Door de shirts zien we dat Feyenoord niet altijd in de kleuren rood en wit heeft gespeeld. In 1908 werd onder de naam Wilhelmina gevoetbald met een bordeauxrood shirt met blauwe mouwen en een witte broek, om in 1909 onder de naam Celeritas in horizontaal geel-zwart gestreepte shirts te gaan voetballen. Aanleiding voor die naamsverandering was een fusie met een andere kleine club. Vanaf 1912 gaat de club verder onder de naam Rotterdamsche Voetbal Vereeniging Feijenoord en wordt het rood-witte shirt met zwarte broek in gebruik genomen.

Europacup I 1970

2. De Europacup 1 is de prijs die Feyenoord wereldwijd op de kaart zette. Daarna rustte deze als een zware last op de schouders van iedere voetballer bij Feyenoord. Iedere spits wordt sindsdien vergeleken met Ove Kindvall, de maker van het beslissende doelpunt in Milaan. Pas in 2002 kwam hier een einde aan, toen Feyenoord onder leiding van Pierre van Hooijdonk de UEFA Cup wist te winnen. Het Kindvall-syndroom is nu niet meer. De herinnering aan de gouden periode 1960-1974 is echter de kurk waarop de club nog altijd blijft drijven.

3. Het Feyenoord XXL boek ligt weggestopt in een hoekje. Er lijkt dus geen reden om dit boek in deze top vijf op te nemen. Maar een krap behuisd museum als het Feyenoord Museum moet nou eenmaal keuzes maken uit de grote collectie en als je het vanuit de optiek bekijkt, moeten we ons gelukkig prijzen dat het bijzondere boek getoond wordt. Anders zou ik hier ook geen aandacht kunnen geven aan de tomeloze inzet van de supporters die dit boek hebben bedacht en gemaakt. Zonder die supporters, die ziel en zaligheid voor de club geven, zou dit unieke boek er nooit zijn gekomen. Dat is iets om als club te koesteren.

jasje van József Kiprich

4. Het wandeljack van József Kiprich. “Kiprich speelde van 1989 tot 1995 voor Feyenoord. In die periode speelde hij 128 wedstrijden en maakte hij 53 goals. Hij won vier nationale bekers, de eerste editie van de Johan Cruijff Schaal, één landskampioenschap en hij haalde de halve finale van de Europacup II 1991/92.” Dat Kiprich – ik ben te jong om hem zelf nog te hebben zien voetballen – dus meer deed bij Feyenoord dan puffend over het veld lopen, is mij nu wel duidelijk. Toch mis ik meer informatie over het wandeljack van József Kiprich dat midden in het museum hangt. Een prachtig item, in al z’n nutteloosheid geweldig om zo’n nietszeggend jasje te zien hangen. Wat is erover te zeggen? Is er misschien een memorabel moment waarop József het droeg of is er een fase in de geschiedenis waar dit item naar verwijst? Het bordje zegt er niets over, maar ach: het is zó lelijk paars, dat het gewoon weer mooi wordt.

paardenstaart John de Wolf

5. De paardenstaart van John de Wolf. Naast zijn wedstrijdshirt, gedragen tijdens PSV-Feyenoord in 1994, ligt in het museum nóg een item dat John de Wolf ooit toebehoorde. Ik vind het een beetje vies, maar de paardenstaart van John de Wolf trekt absoluut de aandacht omdat het zo’n afwijkend item is ten opzichte van de rest van de collectie. Ik doe navraag bij de suppoost van het museum, want wat moet je hiermee als museum? Dan blijkt dat De Wolf de paardenstaart eerst jarenlang zelf op zolder heeft bewaard, om die op een gegeven moment alsnog weg te gooien. De prullenbak in. Toen dit medewerkers van Feyenoord ter ore kwam, hebben ze De Wolf gevraagd of hij de paardenstaart niet aan het museum wilde doneren. De Wolf is het item vervolgens persoonlijk komen afgeven bij het museum, waardoor zijn lange manen tot in de eeuwigheid voor het nageslacht bewaard zullen blijven.

Gaat dat zien, mensen!

Het museum is normaal gesproken alleen kort te bezoeken als onderdeel van een rondleiding door het stadion. Toch zijn er soms momenten dat je het museum kunt bezoeken zonder zo’n stadiontour. Bij mij was dat nu het geval, omdat er een Museumweek aan de gang was. Ik ben maar wat blij dat ik gegaan ben, want het is allemaal hartstikke leuk om te zien. Je kan lekker verdwalen in de geschiedenis met al die feitjes, foto’s, bekers en andere voorwerpen met een verhaal. Een bezoek aan het Feyenoord Museum is een absolute aanrader!


-Advertentie- Word lid van FSV De Feijenoorder